Burn-out: Probleemindividu of En-en-verhaal?

Burn-out is brandend actueel. Dat blijkt overduidelijk uit de sterke toename van het aantal meldingen sinds 2013. En voor wie ermee te maken krijgt, breekt een (lange) periode van begrip tonen en geduld oefenen aan. Zowel voor de burn-outpatiënt, de collega’s als de leidinggevende. Feiten, cijfers en aanpak. 

Niet langer functioneren

‘Je hebt een burn-out als je er fysiek en mentaal helemaal doorzit. Emotionele uitputting, depersonalisatie (of het afstand nemen van zichzelf), een cynische houding tegenover collega’s, klanten of de job, en een verminderde professionele bekwaamheid zijn typerend.’ zegt Lutgart Braeckman, professor maatschappelijke gezondheidkunde aan de UGent. ‘Je functioneert niet meer zoals vroeger. Je doet langere uren voor hetzelfde werk, je maakt meer fouten en haalt plots de deadline niet meer terwijl dat vroeger wel altijd het geval was. Plots huilen, agressief zijn of met dingen gooien, zijn signalen dat het tijd is om actie te ondernemen.’ Uit onderzoek blijkt bovendien dat 65% kampt met slaapstoornissen, 56% heeft minder energie en 54% heeft maag- en darmklachten, hartkloppingen en stress.  

Zwart of wit
‘Je ziet altijd een grote inzet bij mensen met burn-out’, vertelt Hilde De Man, departementsverantwoordelijke psychosociale aspecten bij IDEWE*. ‘Ze gaan voluit voor een bepaald doel. En plots is er een herstructurering, een fusie of verschuift de functie waardoor de geleverde inspanningen niet langer beantwoorden aan de verwachtingen. Het zijn altijd dezelfde zaken die terugkeren’, gaat ze verder, ‘De hoge werkdruk, te weinig autonomie of ontplooiingsmogelijkheden, onvoldoende erkenning of steun van de leidinggevende en collega’s’. Professor arbeidsgeneeskunde aan de KUL en directeur onderzoek en ontwikkeling bij IDEWE, Lode Godderis vervolgt, ‘Ondernemingen zien burn-out te veel als een persoonlijkheidsprobleem van één individu, maar het is een en-en-verhaal. Het risico op ontwikkeling van een burn-out hangt af van de onderneming, het team en de leidinggevende waarvoor je werkt. Maar het is nooit zwart of wit. Iemand die creatief is bijvoorbeeld heeft graag autonomie. Als zij dan een leidinggevende heeft die zegt wat en hoe ze iets moet doen, is er sprake van een mismatch. Het bedrijf dient de manier waarop zij hun mensen aansturen ook in twijfel durven trekken.’
Voorkomen is beter dan genezen

Volgens Lode Godderis kan je zelf veel doen om een burn-out de baas te blijven. ‘Het is belangrijk om jezelf in vraag te stellen en te achterhalen wat voor jou belangrijk is. Wie ben ik? Wat doe ik graag en niet graag? Wat vreet aan me? Noteer hoeveel tijd je aan elke taak besteedt. Op basis daarvan kan je tot inzicht komen. De kernvraag is: wil je dat de komende jaren nog doen? Als dat niet zo is, vraag je best een gesprek met je leidinggevende.’ Maar de meeste mensen stappen op eigen initiatief zonder medeweten van de werkgever naar de preventieadviseur of de huisarts. ‘En als de persoon verdere begeleiding wil, nemen we contact op met de werkgever,’ zegt Hilde De Man, ‘Bij burn-out is het belangrijk zo snel mogelijk begeleiding te zoeken, rekening houdend met de diagnose van de huisarts. We merken dat mensen soms te lang wachten. Een burn-outzorgtraject duurt gemiddeld zes maanden. Je moet de tijd hebben om fysiek en mentaal te herstellen’. Lutgart Braeckman beaamt: ‘Voldoende rust nemen en stilstaan bij wat er verkeerd is gelopen, is cruciaal.’ Omdat de terugkeer naar het werk vaak moeizaam verloopt. Meestal zijn er sluimerende conflicten, hebben de collega’s jouw taken overgenomen en hervat je deeltijds het werk. ‘Waar ik voor pleit is een goede voorbereiding en samenwerking tussen alle partijen. We merken dat de mensen zich zorgen maken over hun terugkeer. Maar ook voor de leidinggevende en de collega’s is het niet gemakkelijk. Het vraagt begrip en geduld.’ zegt Hilde De Man.

In dealing with those who are undergoing great suffering, if you feel ‘burnout’ setting in, if you feel demoralised and exhausted, it is best, for the sake of everyone, to withdraw and restore yourself. The point is to have a long-term perspective.” – Dalai Lama

In 2014 deed externe preventiedienst IDEWE onderzoek naar burn-out bij 1.113 Belgische werknemers.

+122% is de toename van het aantal burn-outmeldingen vanaf 2013 tot 2015. (De wettelijke verplichting voor de werkgever om preventiemaatregelen te nemen vanaf september 2014, heeft zeker een impact op dit cijfer)

Mensen met een hoog risico op burn-out ervaren 3 keer meer conflicten op het werk

Het hoogste risico op burn-out situeert zich in de leeftijdsgroep 25 tot 45 jaar

Ongeveer 50 procent keert na een burn-out terug naar de werkgever

Zes maanden. Dat is de gemiddelde duur van een burn-outzorgtraject.

Burn-outpatiënten zijn gemiddeld 23 dagen ziek thuis

Hoe burn-out optimaal aanpakken? *

  • Bespreek met je huisarts hoelang hij je afwezigheid inschat. En welke begeleiding voor jou het beste is: sessies bij een psycholoog of een burn-outcoach, een traject bij een loopbaancentrum,…
  • Informeer je leidinggevende over de periode van je afwezigheid. In een eerste contact hoef je niet meteen de reden op te geven. Informeer hem wel over de dingen die dringend moeten worden afgewerkt. Doe dit per email.
  • Neem voldoende rust, maar zorg toch voor een zekere structuur. Ga eens wandelen.
  • Wacht niet te lang om begeleiding te zoeken. Het zal je helpen opnieuw inzicht te krijgen in wat belangrijk is voor jou, rekening houdend met jouw waarden en competenties. En of je wel nog op de juiste plaats zit.
  • Mogelijk zal je leidinggevende of een collega tijdens je ziekteverlof contact met je opnemen. Informeer hem over de evolutie van je herstel. En neem zelf ook eens contact. Dat vergroot de betrokkenheid en het begrip.
  • Let op met sociale media.
  • Bij een terugkeer naar het werk: neem tijdens je ziekteverlof contact op (eventueel via de huisarts en de begeleider) met de psychosociale preventieadviseur of de arbeidsgeneesheer om de werkhervatting zo vlot mogelijk te laten verlopen. En vraag om een overleg met je leidinggevende.
  • Bespreek met je huisarts of een progressieve werkhervatting (d.w.z. nog minstens 50% arbeidsongeschikt) of deeltijds werken nodig is. Het zal je toelaten het werkritme geleidelijk aan op te bouwen.
  • Dag van de werkhervatting: bedank je collega’s voor hun geduld en inzet tijdens je afwezigheid.  Ook een gesprek met elk teamlid wordt gewaardeerd.
  • Indien je beslist om niet terug te keren naar je oude werkplek, start je best al een loopbaantraject  op tijdens je ziekteperiode.

Wie meer informatie wil over burn-out kan terecht bij de huisarts, de psychosociale preventieadviseur van de werkgever of gespecialiseerde centra zoals The Human Link of het loopbaancentrum Kompas. Loopbaanbegeleiding kan je betalen met opleidingscheques.

*IDEWE: Belgische Externe Dienst voor Preventie en Bescherming op het Werk

*IDEWE, Aandachtspunten bij re-integratie na afwezigheid door stress en burn-out.

Bronnen:

IDEWE, Hoe burn-out proof is uw HR-beleid? Van preventie tot re-integratie.
Service Public Fédéral, Emploi, Travail et Concertation Sociale, ULG, Cites Cliniques du Stress, UGent, Recherche sur le burnout en Belgique, juin 2013
Service Public Fédéral, Emploi, Travail et Concertation Sociale, ULG, Cites Cliniques du Stress, UGent, Recherche sur le burnout au sein de la population active belge: rapport final, octobre 2010. 

 

No Comments Yet

Leave a Reply

Your email address will not be published.

X

Paswoord vergeten?

Word lid

Nieuw paswoord aanvragen
Geef je e-mail adres in. Een nieuw paswoord wordt naar je mailbox gestuurd.

4 Shares
Share4
Tweet
Share